Treurwilgverdriet
foto AV
We zijn de straten waarin we verdwaalden
opnieuw tegengekomen.
We hebben ze pas achteraf herkend,
wanneer we onze ogen dubbelcheckten:
het bos dat aan ons voorbijging,
de scheuren in het kernhout van de beuk,
de kapel waarin wij niet gebeden hadden
omdat wij dan al zinloos leken,
het mos dat met de wieken van de molen meedeinde.
Toen we wisten wat we zagen,
dekten we elkaar toe met woorden
die elders warmer klonken:
rotondedraaier, kruispuntvaarder,
stronkomarmer, treurwilgverdriet.
We wilden er geen beelden bij verzinnen.
We bleven elkaar zien tot in den treure,
tot ook wij niet langer onze tranen bewaarden.
Anke Verleysen
Reacties
Een reactie posten