Zwijgen - gedichten

 


Stukjes

 

De angst zet het geluk

niet langer aan de kant.

 

Je raakt het thuis voelen aan,

legt er je vinger op

en probeert het gevoel te bewaren.

 

Je zegt dat de bom tikt

tot de kledingkast ontploft:

en dan zullen we overal

stukjes van onszelf terugvinden.


 ----------------------------------------------

Bubbel

 

Je hebt ons in lucht gewikkeld,

gewacht tot we samen

op zouden stijgen.

 

We dachten dat de warmte

in de ballon ons goed zou doen

maar we hadden niet verwacht

dat iemand onze bubbel

 

zo snel zou doorprikken.


 --------------------------------------------

Mist

 

Mag ik de mist

voor je vangen,

hem in een doosje doen

waar jij niet langer

door kunt kijken?

 

En als alles eens opgeklaard is,

mag ik dan de mist uit jouw ogen

kussen zodat helder

 

beter wordt door jou.


 ----------------------------------------

Middel

 

Mag mijn zelf uit jou bestaan?

En mijn geloof dan uit mezelf?

 

Dat gaat makkelijker

dan de meeste dingen.

 

Het vraagt minder doel

en meer middel.

 

Jij mag het middel zijn

dat me overeind houdt.


 ------------------------------------------

Bladeren

 

Ik pluk de bladeren

van de boom.

Ze zijn te dood

om te vallen,

ze zijn afgesneden,

vinden verkleuren leuker

in mijn haar.

 

Ik verzamel ze in mijn kruin,

doe alsof ik de boom word

en niet langer vanzelf

doodga.

 ------------------------------------------------

Doorlaatbaar

 

‘Dat we doorlaatbaar zijn’ zeg ik hem.

 

‘Dat hij zo bij me naar binnen mag komen’

antwoordt hij.

 

‘Dat de uitzondering de regel bevestigt’

zeg ik hem.

 

‘Dat hij altijd graag al eens een uitzondering

wou genoemd worden en dat ik mooier word

als ik het licht doorlaat’ antwoordt hij

terwijl hij het licht voor me vangt.

----------------------------------------------------------

Woelig

 

Je dobbert in woelig water

ingebakerd weet je niet

aan wat je je nog vast

kan klampen.

 

Je armen doen pijn

maar je weigert

het te voelen.

 ---------------------------------------------

Componist de danse

 

“We moeten dansen” zeg je

en ik kijk naar een plaats

om de grond gelijk te maken

en tot gruis te herleiden.

 

“Je danst niet, je stampt

de aarde plat” zeg je.

 

“Ik denk dat het noten zijn”

zeg ik, terwijl ik uit de grond

muziek maak.

 ---------------------------------------------------

Huppelen

 

Ik geef je mijn kind uit handen

zoals dat heet en hoop dat je

het leert huppelen.

 

Je zal zeggen dat het eerst

moet leren lopen en dat het

voet na voet de aarde

moet leren voelen.

 

Ik zal je vragen waarom

we moeten stappen

als we ook in de lucht

kunnen springen

 

en jij zal zeggen

dat je de lucht

liever geen ruimte laat.

 

----------------------------------------------------------

 

Confituur

 

Ik wil wel de pot confituur

voor je zijn waarin je je vinger dopt,

je langs de randen van het glas gaat

en je de suiker uit de plooien haalt.

 

Ik wil wel op je boterham

smelten tot ik ook de boter word

maar nog meer wil ik in jou

oplossen tot je vergeet

dat ik ooit doodgewone confituur

voor je was.

 

------------------------------------------------------------

 

Rillen

 

Je rilt als een espenblad

en het waait hard.

Er valt veel te vertellen

en ook bomen kunnen praten.

 

Ze doen meer dan met hun bladeren

wapperen. Ze gieren met de wind mee,

zeggen dat de grond waarin hun wortels groeien

weer dikker is en vaster aan je voeten.

 

Ze zeggen dat er weer ruimte is

om volop te kunnen bestaan.

 


 --------------------------------------------------------

Waterval

 

Huil maar

breek door de angst heen.

 

Loop naar de andere kant

van het water, waar je tranen

kunnen vloeien als watervallen.

 

Het ergste wat er kan gebeuren

is dat je dreigt te verdrinken

en dan zullen er handen zijn


 

Als we nu eens doen

alsof de tijd helden

van ons maakt.

 

Als we nu eens

een handdoek als cape

zouden inzetten.

 

Als we nu eens

leren vliegen,

zouden we dan vanzelf

kleiner worden?

 

---------------------------------------------------------

 

Kanker

 

Je kan je tegen alles wapenen

maar niet tegen een kroniek

van een aangekondigde dood.

 

Ze zouden het moeten afschaffen:

een lijdensweg om van weg te lopen.

Je wil de aankondiging uit de weg gaan

en er een goed nieuws gesprek van maken.

 

Je zou willen weten hoe kanker

terug een ziekte wordt van het verleden.


 ------------------------------------------------------

De auto van je ogen

 

De auto van je ogen

rijdt mijn richting uit.

Ik probeer geen kant

te kiezen en de weg

van langs de berm

verder te bekijken.

 

Je mag je zicht

niet verliezen

aan straatstenen.

 

Je moet verder

dan het voetpad.

Maak er een pad

met mozaïeken van.

 


 ---------------------------------------------------------------------------------

Gedijen

(voor Silas)

 

Het is de jongen in de man

die zijn armen voor me spreidt

en terzelfdertijd zijn vingers

dichtknijpt.

 

“Kom maar” zeg ik, we halen

de kramp uit je lijf

en laten je longen weer vollopen

met dat waar ze voor gemaakt zijn.

 

We omarmen de stilte nog meer

dan elkaar, laten ze tussen ons bestaan.

We bewaren de restjes taal niet langer.

Krampachtig gedijt zij slechts slecht.

 


 -------------------------------------------------------

Ontwarren

 

Laat de klok maar

verder tikken, ik hou

terwijl mijn adem in

omdat ik bang ben

dat ik je met elke uitademing

verder weg blaas.

 

Het liefst span ik

een touw rond je armen,

wikkel ik je rond

tot je een cocon wordt

en je later weer uit

je eigen vel kan breken.

 

Ik heb de wijzer in mij stil gelegd

omdat ik niet langer hou

van kleine geluiden

die steeds luider klinken.

 

Ik hou mijn adem verder in

terwijl je door me waait

je eigen draden opnieuw ontwart

en de lucht voor me uitzet.

 


Gedichten Anke Verleysen

 

 


 

 

 

Reacties

Populaire posts van deze blog

Elfjes

vrouw

poëtisch kortverhaal